Wat voorziet de federale regering als antwoord op de energiecrisis?
De sterk stijgende energieprijzen zetten ondernemingen al enige tijd onder sterke financiële druk en dwingen werkgevers om na te denken over gepaste maatregelen. Meer informatie vind je hier.
Daarnaast worden werknemers die met hun eigen wagen hun woon-werkverkeer en bepaalde professionele verplaatsingen afleggen geconfronteerd met hogere tankkosten.
Dinsdagavond 21 april 2026 bereikte de regering een akkoord over een aantal tijdelijke energiesteunmaatregelen.
Lees verder en ontdek de voorziene maatregelen.
Fiscale steun voor werkgevers bij verhoging of invoering van een tussenkomst woon-werkverkeer
Situering maatregel
De federale regering voorziet een tijdelijke en automatisch aflopende energiesteun voor een periode van 3 maanden.
Werkgevers die de toegekende tussenkomst woon-werkverkeer optrekken of beslissen om een kilometervergoeding toe te kennen in het kader van het woon-werkverkeer, zullen fiscale steun krijgen onder de vorm van een belastingkrediet.
Concreet zou elke verhoging van de tussenkomst woon-werkverkeer tot 20 procent gecompenseerd worden via een belastingkrediet bij de werkgever, en dat voor een maximum van 10 cent per kilometer. Werknemers die op een grote afstand van het werk wonen, zouden bijgevolg een relatief groot bijkomend bedrag ontvangen.
Deze verhoging zal niet belastbaar zijn in hoofde van de werknemer.
Hiermee wil men de werknemers ondersteunen die momenteel geconfronteerd worden met stijgende kosten voor het woon-werkverkeer door de gestegen brandstofprijzen.
FAQ’s
FAQ 1: Heeft iedere werknemer momenteel recht op een tussenkomst in zijn woon-werkverkeer?
Neen. Of een werknemer al dan niet een vergoeding voor zijn woon-werkverkeer ontvangt en hoeveel hij ontvangt hangt grotendeels af van het gebruikte vervoermiddel, de sector en de afgelegde afstand.
Zo geeft het gebruik van een privéwagen voor woon-werkverkeer in principe niet automatisch recht op een tussenkomst van de werkgever in de kosten die de werknemer maakt.
Bepalingen in sectorale cao’s, ondernemingsakkoorden of arbeidsovereenkomsten kunnen hierover specifieke afspraken bevatten.
Werknemers die op een kleine afstand van het werk wonen, worden soms uitgesloten van het recht op een tussenkomst in het woon-werkverkeer.
Daarnaast ontvangen werknemers met een bedrijfswagen, in de regel geen woon-werkvergoeding.
FAQ 2: Kan een werkgever momenteel een verhoogde vergoeding voor het woon-werkverkeer toekennen?
Ja. Werkgevers zijn steeds gebonden door de bepalingen van hun sector.
Als er geen sectorale bepalingen zijn kunnen werkgevers een kilometervergoeding toekennen die gelijk is of lager ligt dan de sociale en fiscale grensbedragen die de ambtenaren krijgen voor hun beroepsverplaatsingen.
Werkgevers die vandaag een kilometervergoeding hanteren die lager ligt dan de sociale en fiscale grensbedragen, kunnen ervoor kiezen om een hogere vergoeding toe te kennen. De vergoeding kan dan verhoogd worden tot aan de sociaal en fiscaal aanvaarde grensbedragen.
FAQ 3: Zal iedere werknemer die momenteel al een tussenkomst in het woon-werkverkeer geniet tijdelijk een verhoogde tussenkomst genieten?
Neen. De federale regering voorziet een fiscale steun aan werkgevers die de tussenkomst in het woon-werkverkeer verhogen of een tussenkomst invoeren.
De werkgever is niet verplicht om een verhoogde tussenkomst in het woon-werkverkeer te voorzien.
FAQ 4: Zal een werknemer met een elektrische wagen ook in aanmerking komen voor een verhoogde tussenkomst?
Ja. De tussenkomst in het woon-werkverkeer gebeurt los van de gebruikte brandstofsoort. De vergoeding die men ontvangt in het kader van het woon-werkverkeer is bedoeld om alle kosten van de eigen auto te dekken, dus ook afschrijving, onderhoud en slijtage.
Optrekken forfaitaire kilometervergoeding voor professionele verplaatsingen
Situering
Bij beroepsverplaatsingen moet de werkgever, in principe de kosten van de verplaatsing voor zijn rekening nemen, behalve wanneer hij een vervoermiddel en brandstof ter beschikking stelt voor deze verplaatsingen.
De werkgever kan ofwel de werknemer terugbetalen op basis van de werkelijke kosten, maar in dat geval moet hij het bedrag van deze uitgaven verantwoorden, ofwel de door de fiscus en de RSZ aanvaarde forfaitaire bedragen toepassen.
In de praktijk gebruikt men vaak de forfaitaire kilometervergoeding.
Sinds 1 april 2026 bedraagt de driemaandelijks geïndexeerde kilometervergoeding 0,4327 EUR per kilometer.
Daarnaast bestaat er ook een jaarlijks geïndexeerde kilometervergoeding. Voor de periode van 1 juli 2025 tot en met 30 juni 2026 bedraagt die 0,4449 EUR per kilometer.
De werkgever moet een keuze maken tussen de jaarlijkse of de driemaandelijkse indexatie.
Kiest de werkgever voor de toepassing van het forfaitair systeem op jaarbasis, dan moet hij dit bedrag toepassen gedurende de volledige periode van 1 juli tot en met 30 juni.
Momenteel wordt de forfaitaire kilometervergoeding berekend op basis van de prijs aan de pomp van twee kwartalen geleden.
De federale regering voorziet om voor de maanden april, mei en juni 2026 een andere berekeningswijze toe te passen. De aangepaste berekeningswijze zou onder meer gebaseerd zijn op het gemiddelde van de brandstofprijzen van de betrokken maanden.
FAQ
FAQ: is er een beperking op het totale bedrag dat een werknemer kan toegekend krijgen als forfaitaire kilometervergoeding voor professionele verplaatsingen?
Neen, de forfaitaire kilometervergoeding voor dienstverplaatsingen wordt onder bepaalde voorwaarden beschouwd als een kost eigen aan de werkgever.
Er geldt dus geen totaal maximaal fiscaal grensbedrag op voorwaarde dat het aantal kilometers kunnen bewezen worden
Overige steunmaatregelen
Ten slotte voorziet men de aangekondigde accijnsverhoging uit te stellen tot 1 augustus 2026.
Er zou ook een sensibiliseringscampagne opgezet worden om mensen aan te zetten om het energiegebruik te temperen.
Let wel: bovenvermelde is gebaseerd op mediaberichtgeving. Momenteel bestaan hier nog geen wetgevende teksten over.
Bron :
- diverse media.
Dit bericht delen: