Duurzaamheidsrapportering - Minder administratieve lasten voor kmo's
Op 24 februari 2026 heeft de Europese Unie Richtlijn (EU) 2026/470 aangenomen.
Deze richtlijn vormt een cruciaal onderdeel van de Europese agenda voor administratieve vereenvoudiging en heeft als doel het concurrentievermogen van bedrijven te versterken door de regeldruk rond duurzaamheidsrapportering en passende zorgvuldigheid aanzienlijk te verminderen.
Wat betekent dit concreet voor jou als werkgever? Hieronder vind je de belangrijkste wijzigingen en hun impact.
1. Duurzaamheidsrapportering (CSRD): hogere drempels en waardeketenplafond
De Europese CSRD-Richtlijn (Corporate Sustainability Reporting Directive) voorziet de verplichting voor ondernemingen om een duurzaamheidsverslag op te stellen als onderdeel van hun jaarverslag.
De nieuwe richtlijn past de CSRD-Richtlijn aan en voorziet onder meer een sterke inperking van het toepassingsgebied van deze rapporteringsplicht, de invoering van een waardeketenplafond en een bescherming van bedrijfs- en privacygevoelige gegevens.
Hogere drempels
De nieuwe richtlijn beperkt het toepassingsgebied aanzienlijk waardoor de verplichting om over duurzaamheid te rapporteren sterk wordt ingeperkt.
Voortaan geldt de rapporteringsplicht alleen nog voor de allergrootste ondernemingen. Dit zijn ondernemingen die op de balansdatum zowel een netto-omzet van meer dan 450 miljoen EUR als een gemiddelde van meer dan 1.000 werknemers over het boekjaar overschrijden.
Kleine en middelgrote ondernemingen (kmo's) worden hierdoor volledig uitgesloten van de verplichte rapportering.
Als zij toch willen communiceren over hun duurzaamheidsprestaties kunnen zij een beroep doen op de vrijwillige standaarden die specifiek voor de kmo’s werden uitgewerkt.
Via de website van VLAIO kan je meer informatie terugvinden over de vrijwillige duurzaamheidsrapportering voor kmo’s. Er is ook een praktische tool beschikbaar.
Waardeketenplafond
Eén van de meest impactvolle wijzigingen voor werkgevers die als partner in een grotere waardeketen opereren, is de invoering van een zogenaamd “waardeketenplafond”.
Als een onderneming deel uitmaakt van de waardeketen van een grote, rapporterende onderneming, dan biedt dit “waardeketenplafond” een essentieel juridisch schild tegen de zogenaamde "datahonger" van grote industriële groepen.
De onderneming die op balansdatum gemiddeld niet meer dan 1.000 werknemers heeft over het voorgaande boekjaar, wordt voortaan beschouwd als een “beschermde onderneming”. Dit statuut geeft de onderneming het expliciete wettelijke recht om te weigeren informatie te verstrekken die verder gaat dan wat is vastgelegd in de officiële vrijwillige kmo-standaarden.
Concreet betekent dit:
- Wanneer een grote klant direct of indirect informatie opvraagt voor zijn duurzaamheidsverslag, is hij verplicht de beschermde onderneming proactief te informeren over het weigeringsrecht zodra het verzoek de vrijwillige standaarden overschrijdt.
- Eventuele contractuele clausules die de beschermde onderneming zouden dwingen om voor deze rapportering méér gegevens te delen dan de kmo-standaarden voorschrijven, zijn voortaan niet langer bindend.
- Grote ondernemingen mogen zich baseren op een eigen verklaring van de beschermde onderneming over de personeelsomvang en hoeven deze niet verder te verifiëren, tenzij de verklaring overduidelijk onjuist is.
Door dit "waardeketenplafond" wordt de administratieve druk op de kleine en middelgrote ondernemingen aanzienlijk beperkt tot een haalbaar en gestandaardiseerd niveau.
Let wel: dit recht geldt specifiek voor verzoeken in het kader van de duurzaamheidsrapportering (CSRD) en laat andere verplichtingen, zoals die rond passende zorgvuldigheid in de keten, onverlet.
Weglaten van gevoelige informatie
Werkgevers krijgen meer flexibiliteit om bepaalde gevoelige informatie niet te publiceren als dit hun commerciële positie ernstig zou kunnen schaden.
Dit geldt ook voor bedrijfsgeheimen, intellectuele eigendom en gegevens die de privacy en veiligheid van personen in gevaar kunnen brengen.
Deze uitzondering kan alleen worden ingeroepen onder specifieke voorwaarden:
- Het weglaten van de informatie mag een getrouw en evenwichtig begrip van de ontwikkeling, de resultaten en de positie van de onderneming niet in de weg staan.
- De onderneming moet kunnen aantonen dat het onmogelijk is de informatie op een andere manier te openbaren (bijvoorbeeld op geaggregeerde of geanonimiseerde basis) zonder dat er ernstige commerciële schade optreedt.
- De onderneming is verplicht om in het verslag expliciet te rapporteren dat van deze specifieke vrijstelling gebruik werd gemaakt.
- Op elke balansdatum moet de onderneming opnieuw beoordelen of de redenen om de informatie weg te laten nog steeds geldig zijn.
Met deze voorwaarden bewaakt de wetgever het evenwicht tussen het belang van de onderneming en het recht van de maatschappij op transparantie.
2. Passende zorgvuldigheid (CSDDD): enkel voor de grootste spelers
De CSDDD-Richtlijn (Corporate Sustainability Due Diligence Directive) verplicht ondernemingen om feitelijke of potentiële negatieve effecten op mensenrechten en milieu in hun eigen activiteiten en hun activiteitenketen aan te pakken.
De toepassingsdrempels voor deze zorgvuldigheidsplicht worden fors opgetrokken. Het geldt enkel voor ondernemingen met gemiddeld meer dan 5.000 werknemers en een wereldwijde netto-omzet van meer dan 1,5 miljard EUR.
Daarnaast wordt de specifieke vereiste om een apart transitieplan voor de beperking van klimaatverandering op te stellen, volledig geschrapt. Dit voorkomt overlappingen met andere rapportageverplichtingen.
Wat is de timing?
De lidstaten hebben tijd tot 19 maart 2027 om de meeste wijzigingen over duurzaamheidsrapportering (CSRD) om te zetten in nationale wetgeving.
De nieuwe regels voor passende zorgvuldigheid (CSDDD) zullen voor alle betrokken ondernemingen gelden vanaf 26 juli 2029.
Wat moet je onthouden?
Voor veel middelgrote werkgevers verdwijnt de directe rapportageverplichting. Bovendien biedt het waardeketenplafond een juridisch schild tegen overmatige dataverzoeken van grote industriële spelers. Dit moet leiden tot een aanzienlijke daling van de administratieve werklast binnen de HR- en juridische departementen van kleine en middelgrote ondernemingen.
Bron:
- Richtlijn (EU) 2026/470 van het Europees Parlement en de Raad van 24 februari 2026 tot wijzing van de Richtlijnen 2006/43/EG, 2013/34/EU, (EU) 2022/2464 en (EU) 2024/1760 wat betreft bepaalde vereisten inzake duurzaamheidsrapportering door ondernemingen en passende zorgvuldigheid in het bedrijfsleven, Publicatieblad EU van 26 februari 2026.
Dit bericht delen: